Slaapmuts, de dichtende kater


      
Twee Duiven
Twee duiven op 't
voorbalkon
zitten getween in
de zon
wat een feest
2 x zo'n beest
'k wou da'k
d'r bij kon
Wind
steek m'n neus
al in de wind
-'k ben een zondagskind-
o, hoe heerlijk
is deez' bries
totda'k 'r
ongeloof'lijk
van nies!
      




Slaapmuts - Katrijm


Slaapmuts CV


Naam: Slaapmuts
Geboren: jazeker
Beroep: dichter, redacteur in ruste, wijze, topmodel, (huis)kat enzopoes
Opleiding: autodikat

Voorgeschiedenis:

Ik werd geboren als zeer jong katje. Wanneer dat precies was weet ik me niet te herinneren. Toentertijd had ik nog niet zo'n vervelend tijdsbesef, zoals mij in de latere jaren door mindervermogenden is bijgebracht. Volgens hen was het in het jaar Anno Domino 1990.

Waarschijnlijk in september. Zich als deskundigen voordoenden denken achter in september omdat ik, zoals andere Weegschalen met mij, nogal eens twijfel en soms moeilijk keuzes kan maken. Zelf ben ik er nog niet over uit of dat allemaal wel zo simpel ligt.

Aan de ene kant herken ik in het sterrenbeeld wel de invloeden van Venus, waardoor ik een bijzonder ingewikkeld gevoel voor schoonheid en kunst heb (van kittenbeen af heb ik al interesse in pozie; ik herinner me zeer geraakt te zijn door het prachtige "Poesie Mauw", kent U toevallig dat poem?), maar aan de andere kant betwijfel ik die ondoortastendheid zeer. Soms ben ik namelijk, na rijp beraad, nogal impulsief en resoluut.

Nadat ik dus geboren was, gebeurde dus het volgende:

De dierenarts-assistente, altijd druk-druk-druk, keek naar me.....

Ze had echter niet het geduld om echt te kijken, laat staan om mijn welovermogen overwegingen over mijn overkomst alhier te overwegen...

Ze heeft me 'geboekt' als jarig zijnde op 30 april. Vanaf die tijd beginnen ze op die verjaardag (toen ik nog op de flat woonde bij mij voor de deur) een optocht met veel lawaai en lots of heisa. Voor mij had dat niet zo gehoeven.

Van mijn broertjes en zusjes was ik de eerste, zeggen ze. De man, bij wie wij toen allemaal inwoonden, noemde me daarom, heel origineel en misschien wel met vooruitziende blik: Nummer 1. Maar toentertijd voelde ik me nog niet zo. Als 't me uitkwam luisterde ik er goed naar. Als het me uitkomt luister ik nog steeds goed trouwens.

Later hebben we toen onze intrek genomen bij dametje A.K.*, die heel goed en liefdevol voor ons zorgde. Een trauma heb ik echter overgehouden aan een bezoek aan een dierenarts, waar ik in een mandje, op de fiets, naar toegebracht werd en geheel versuft van teruggekeerd ben. Bij thuiskomst bleek ik te zijn bestolen, mijn zakken waren leeg en alles deed zeer. Mijn familie vond mij vreemd ruiken en heeft mij toen verstoten, waardoor ik mijn heil achter de wasmachine heb gevonden.

( *Juffrouw A.K. komt mij nog zo nu en dan, na al die jaren, opzoeken, want ze was erg op mij gesteld. Ik von haar ook erg aardig, maar we aten nooit vis).

Hoe dingen kunnen veranderen....

Na een ongelofelijk lange reis per besteleend ben ik, toen ik bijna 2 was, op een flat twee hoog terechtgekomen. Ik vonnut vreselijk eng. Ik moest door alle ellende in kattentherapie. Die werd door mijn huidige mens gegeven.

Zo'n therapie is heel wat voor een kat, hoor. Het moeilijkste is leren je bloot te geven en er wat op te vertrouwen dat dat goed uitpakt. Iedere dag weer ging dat mens op d'r buik voor de kast, waar ik achter de sokkendoos een betrekkelijk veilig onderkomen had gevonden, zachtjes tegen mij praten. Wat ik vooral bijzonder eng vond was dat ze een vinger naar me uitstak en later twee.

Na een poosje begon ik echter te beseffen dat ze d'r klauwen ingetrokken had. Toen er een doos met een rond gat waar alleen ik door kon kwam, durfde ik de kamer vluchtig door en die doos in. Ook heb ik heel veel steun gehad aan de kamerplanten, welke ik gebruikte als oerwoud vanwaaruit ik de situatie in mij op kon nemen. Langzamerhand ben ik toen geresocialiseerd.

Maar nog steeds heb ik last van angst voor grote vlaktes (agorafobie), drukbewegende, luidruchtige mensen, en andere dieren zoals honden en stofzuigers. Maar mijn mens zegt dat dat niet erg is omdat ik de liefste en knapste kat ben die er is.

De situatie toen ik op de flat woonde.

Hier ben ik uiteindelijk helemaal tot mezelf gekomen. Hier hebben ze me Slaapmuts genoemd, omdat ik die bloemetjes zo mooi vind. Veel mensen denken dat ik Slaapmuts heet omdat ik er zo uitgerust uitzie, maar dat is maar zeer betrekkelijk.

In deze kunstzinnige omgeving, wie met verf omgaat wordt ervan gevlekt, kwam het in mij op gedichten te maken. Door al mijn levenservaring had ik immers complexen genoeg, dacht ik. Dat bleek juist en ook bleek ik hier mijn ongekende talent tentoon te kunnen spreiden. Een luisterend oor doet tenslotte soms wonderen. Eveneens heb ik mijn mens bereid gevonden mijn gedichten op te schrijven, voor het nageslacht.....eh....ik bedoel voor de katheid in het algemeen. Ook heb ik het initiatief genomen tot de oprichting van mijn viool, een belangwekkende krant met nieuws en achtergronden over mijn culturele erfgoed of zo. Binnen korte tijd heb ik mijn onderkomen toen kunnen laten inrichten als de kat zn kantoor.

Toen ik hier pas aankwam wist ik niet dat ik dit allemaal in mij had.

In augustus 1995 verscheen mijn eerste bundel Katzwijm en later, februari 1996, mijn tweede bundel Huistijgerblues. In het diepste geheim werkte ik aan mijn volgende bundel, Maneschijn en Rozegeur, maar deze is nooit als bundel gepubliceerd, wel verscheen er een kaartenset. In die nieuwe gedichten gaf ik mijn visie en frustratie vorm over de opvoeding van de mij toegewezen gezelschapsdame poes Maneschijn (kortweg Schijntje).

Kleutertje II

klein klein kleutertje
wat doe je in die plant ?
je plukt 'r alle blaadjes af
dat is toch heel gnant

gnant, ja....
ken je dat woord nog niet Maneschijn?
      

In het najaar van 1996 verhuisde ik met mijn mensen en Schijntje naar de kat z'n viool aan de Kastanjestraat in Zwolle. Sedertdien heb ik het drukker dan ooit, want het is blijkbaar uitgelekt dat ik hier woon, waardoor er steeds mensen komen. Helaas is Maneschijn in 1999 op noodlottige wijze om het leven gekomen.... Maar gelukkig hoef ik alle drukte niet allemaal alleen het hoofd te bieden, want de kat z'n viool is inmiddels met 4 katers en 1 poes versterkt: Jehoedi, Bliksum, Robin, Dino en Catootje.

Nudat ik een kater op leeftijd aan het worden ben dacht ik dat het een goed idee was mijn gedichten te bundelen en mijn dichterlijke kwaliteiten te proberen bij te brengen aan de jonge garde. Maar de meeste jongens hebben er niet zo'n goed gevoel voor; ach, Bliksum en Jehoedi hebben andere kwaliteiten, maar Robin nog niet, waardoor ik mijn hoop op hem gevestigd heb. Vooral sinds hij voor zijn beroepskeuze te kennen heeft gegeven romanticus te willen worden.

Er is al n gedicht van zijn poot, welke ik om deze jongeling te stimuleren hierna laat volgen:

      
Lust

ik heb Vlinders
in mijn buik
z hol issut
ik lust wel wat

katertje Robin

Nou ja, ik hoop er maar het beste van. Robin is eens negen maanden zoek geweest en kwam wonderwel weer terecht. In 2000 hebben we een nieuwe bewonderaar derbij gekregen, bejaarde kater Dino, en een poosje later nog Catootje, waar ik nog welderes een gedicht over zal moeten schrijven. In dat jaar vierde ik mijn algeheel twaalfeneenhalfjarig bestaan in dit leven. Das toch niet nix. Vandaar al die poespas met illustraties en zo in mijn verzameld werk van 1994-2000, Voor mij had het niet gehoeve, de gedichten benne toch beeldend genoeg op zich.




De dichter in de doos

Waaroffik met toch allegaar steeds allemaal druk over moet maken als Kater Familias bennende, nu weer druk met een derde druk en ik dacht dat ik toch inmiddels als veertienjarige kater zo langzamerhand welderes gepensioneerd mocht benne. Maar nee hoor, belt dr inene ene mevrouw A3 op dat ze gehoord heb dattik een leuk boekje heb geschreven en offik nog meer gedichten uit me mouw kan schudde. Nou die mevrouw heb zeker zelf geen kat, dacht ik, want anders zou ze toch wel weten dat katten geeneenstis een mouw hebben. Maar misschien heeft ze maauw! eens ergens verkeerd verstaan. Maar enfin, het is natuurlijk heel goed gezien van deze mevrouw dat het bijzonder wenselijk zou zijn mijn gedichten voor een veel breder publiek toegankelijk te maken Nadat ik de eerste schrik te boven was voelde ik mij eigenlijk ook wel gevleid en mijn mens liet een boekje zien wattof die mevrouw had uitgegeven en toen heb ik gauw geprobeerd alle gedichten die ik nog had uit de oudpapierdoos te vissen (die doos is mijn favoriete werkplek, maar er raakt vreemd genoeg ook welderes wat kwijt). Ik denk dak ze allemaal heb gevonden en daardoor is het toch een knap werkje geworden, vinnik zelfehvan die mevrouw A3, bedoellik. Door de(ze) druk en de opwinding voel ik dat in mijn dichtader allegaar gedichten willen gaan opborrelen, maar ik denk dat ik eerst even wat ga eten. Ik hoop van U hetzelfde. Veel goede groeten van Uw dichter Slaapmuts.